Ard Malenstein en Pets Place: groeien door de humanisering van het huisdier

Ard Malenstein. (Foto: Olivier Middendorp)

Ard Malenstein (51) is CEO en met zijn zus eigenaar van Pets Place en Pets Place Boerenbond. Humanisering van het huisdier is goed voor de zaak. EW stelt 13 vragen aan de ondernemer.

1 Hoe belandde u in de dierverzorging?

‘Onze familie zat in de logistiek. Mijn vader nam in 1994 een groothandel over in de dierenbranche. Als ­familie investeerden we daar verder in, en door overnames evolueerden we in een retailer.

‘Nu zijn we de grootste keten van ­dierenwinkels in Nederland. Het is een leuke branche, want mensen reageren ­altijd positief op dieren.’

2 Hoe gaat het met uw formules Pets Place en Pets Place Boerenbond?

‘Het was een lastig jaar, met ­stijgende grondstofprijzen en loonkosten. De omzet groeit wel door. In 2023 ­behaalden we een omzet van 260 miljoen euro. In 2024 steeg die naar zo’n 300 miljoen euro, met 1.900 werknemers en 175 winkels.

‘We hebben veel geïnvesteerd in het openen van nieuwe winkels. We hebben ook wat grotere winkels overgenomen van zelfstandigen. De winst in 2024 hebben we gelijk kunnen houden aan die van 2023.

‘In de dierenwinkels zijn we vorig jaar zo’n 12 procent in omzet gegroeid. Voor zover de cijfers ons bekend zijn, deed de markt als geheel min 5 procent. Dus wij doen het goed.’

3 Is die combinatie van Pets Place en Boerenbond niet vreemd?

‘Alles wat met dieren te maken heeft, doen we onder het Pets Place-­label. En alles wat met de tuin te maken heeft onder het Boerenbond-­label. Ongeveer 65 van onze winkels zijn een combinatie van de twee formules. Die win­­­kels heten dus Pets Place Boerenbond.

Ik studeerde rechten in Leiden en zou even komen helpen in de zaak, maar ben nooit meer weggegaan.

‘We groeien harder op dier dan op tuin. Met Boerenbond zijn we vooral goed in tuinonderhoud, bemesting en kweken, maar we zijn geen specifiek tuincentrum. In de combinatiewinkels is dier nu leidend. Er zijn geen afzonderlijke Boerenbondwinkels meer. Het merk verdwijnt niet, want vooral in Brabant is het wereldberoemd. Boven de ­rivieren is er geen Boerenbond.’

4 Uw vader was de aartsvader van het bedrijf?

Ja, maar als investeerder. Hij heeft zelf nooit in de winkel gestaan. In 1995 kwam ik erbij. Toen was het bedrijf nog alleen een groothandel en leverden we aan dierenwinkels. Ik studeerde rechten in Leiden en zou even komen helpen in de zaak, maar ben nooit meer weggegaan. Heb ook nooit spijt gehad dat ik de studie niet heb afgemaakt.

‘In 2000 namen we de 180 winkels van Pets Place over, dat was op dat moment onze grootste klant. Het was toen onderdeel van de supermarktketen Laurus. We zijn dus voorwaarts gaan integreren.

Ard Malenstein van Pets Place

Ard Malenstein (Spakenburg, 1973). Rechten gestudeerd, maar niet afgemaakt. Begon in 1995 in de zaak van zijn vader, werd in 2003 CEO. Van groothandel groeide IJs­vogel Retail, met de formules Pets Place en Pets Place Boerenbond, uit tot grootste keten van dierenwinkels in Nederland.

‘De Pets Place-winkels waren in handen van franchisers, nu zijn het overwegend eigen winkels. Toen waren het kleine winkels van 80 tot 150 vierkante meter. Nu is de kleinste 500 vierkante meter en de grootste, in Ede, 6.000 vierkante meter. Mensen willen keuze.’

5 Heeft u zelf huisdieren?

‘Een hond. Vroeger had ik ook kippen. Ik woon nu in Amsterdam, en daar heb ik wat minder ruimte. Maar in de winkels zie ik huisdieren genoeg.

‘Ik laat de hond elke avond uit. Het is een goldendoodle, een kruising tussen een labradoodle en een golden retriever.’

6 In coronatijd kocht iedereen een huisdier. Hoe gaat het vijf jaar later met al die beesten?

‘Dat gaat goed. Tijdens corona zijn er veel honden en katten aangeschaft, ook uit de asiels. Die werden leger, maar zijn nu weer ongeveer even vol als vóór corona.

‘Je ziet ook dat mensen heel anders omgaan met hun huisdier dan tien jaar geleden. Het is echt een gezinslid geworden, die aandacht behoeft zoals ieder ander lid van de familie.’

7 Hoeveel geld besteden mensen aan een hond of kat?

‘Dat hangt af van hoe groot het dier is en het aantal. Maar 3.000 tot 4.000 euro per jaar ben je al snel kwijt voor een hond. Voor een kat iets minder.

‘Afgelopen jaren stegen de bestedingen aan dierverzorging in Nederland enorm. Nu is die markt zo’n 1,8 miljard euro groot, maar dan reken ik de kosten voor de dierenarts mee.

‘De trend is dat je minder grote honden ziet en vooral wat kleinere en middelgrote, maar dat de besteding per hond wel toeneemt. Hier ligt een hondenmand, dat is gewoon een design-object voor jongere mensen met een hond. Mensen willen mooie spullen voor hun dier.’

8 Wat betekent dat voor de winkels?

‘Het aantal zal niet heel snel groeien. Maar waar we nog niet zitten, willen we grote winkels openen. Ook de bestaande winkels worden steeds groter. Dan zit alles erin. Een dierenarts, een trimsalon en een dogwash. Al verschilt dat per locatie.

‘We gaan er in 2025 weer tien openen. Bij zo’n 240 winkels van Pets Place is ­Nederland wel voorzien, denken we. ­Binnen drie of vier jaar moet dat lukken. Dan kijken we wat we online kunnen doen in Duitsland en Frankrijk en, daar­­na, of daar fysieke winkels mogelijk zijn.

‘We zijn begonnen als groothandel, en daarin hebben we nog steeds een aandeel van 50 procent. Dat doen we samen met een Belgisch familiebedrijf. Vanaf het distributiecentrum in Ede leveren wij aan duizend zelfstandige dierenwinkels.’

9 Ligt u wel eens wakker van het ondernemerschap?

‘Ik kom uit een ondernemers­gezin, dus dat valt mee. Ik leid dit bedrijf samen met mijn zus. Zij doet het vastgoed en ik de winkels. We zijn de enige aandeelhouders.

‘Anderhalf jaar geleden kochten we 20 procent van de aandelen terug, die ­lagen bij private equity. Nu zijn we weer voor 100 procent aandeelhouder. Het werd er tijd voor, en zij wilden na tien jaar ook wel een keer cashen. Ze waren er vooral om de groei te financieren.

‘Met eigen middelen en een stuk her­financiering konden we de aandelen ­kopen. Voor de bedrijfsvoering maakt het niet zoveel uit. We hadden al 80 procent en wilden zeker doorgaan, want we vinden dit een interessante markt waar nog groei mogelijk is. Online groeien we ook nog steeds: onze ­omzet komt nu voor ongeveer 25 procent van online.’

10 Supermarkten zien de groei in dit segment ook. Vormen die concurrentie?

‘Ze zitten vooral in honden- en kattenvoeding. Door de humanisering van kat en hond neemt de aandacht voor de kwaliteit van de voeding ook toe. Dan komen ze toch eerder bij ons terecht. Ons assortiment is veel breder.

Klanten weten ook steeds meer van hun dier. Dus moeten wij ook investeren in de kennis van onze medewerkers.

‘We hebben ook medewerkers die iets van de dieren en hun voeding afweten. Wij geven advies. Dat vind je niet in de supermarkt. Klanten weten ook steeds meer van hun dier. Dus moeten wij ook investeren in de kennis van onze medewerkers. Ze worden specialisten in een deelcategorie. Er zijn op dit moment zo’n 1,9 miljoen honden en 3 miljoen katten in Nederland. Dus er ligt nog veel werk.’

11 Vindt u niet dat de humanisering van het dier wat doorschiet?

‘De trend die we zien, is dat mensen door hun huisdier meer leren hoe de natuur in elkaar zit. Dat is positief. Wel zie je bij veel honden en katten overgewicht en gebitsproblemen.

‘Het is lastig om tegen een klant in de winkel te zeggen dat zijn hond obesitas heeft. Ze geven hem dan gewoon veel te veel eten. We hebben overal een weegschaal staan, want het is belangrijk om je hond regelmatig te wegen.

‘Over­gewicht heeft voor honden en katten enorme gevolgen als ze ouder worden. Een hond wordt twaalf tot veertien jaar oud, een kat kan tot achttien jaar oud worden. Zorg dan wel dat het gezond gebeurt.’

12 Hoe ziet de toekomst van dierverzorging eruit?

‘Kijk dan vooral naar de Amerikaanse markt, want dat is ons voorland. Amerikanen hebben veel meer huisdieren per huishouden, en ze geven twee keer zoveel uit aan een huisdier als een Europeaan doet.

‘Als je een dier bezit, is vakantie natuurlijk je grootste vijand. In Amerika heb je veel meer opvang voor huisdieren. Dat leidt er ook toe dat mensen eerder een huisdier nemen. Vooral vijftigplussers doen dat.

‘In Nederland is het gebrek aan opvang nog een probleem. Je kunt je hond of kat niet makkelijk ergens onderbrengen. Je ziet nu veel boerderijen die moeten stoppen, en ik vraag me af of dat geen geschikte plekken zijn voor tijdelijke dieropvang. Daar denken we over na.

‘Maar goed, we hebben een nogal druk programma: we moeten ook nog winkels en dierenartspraktijken openen. Alleen is die vraag naar opvang er dus ook, en die is een beetje de bottleneck in de markt. Wellicht kunnen we daar nog iets voor verzinnen.’

13 Willen uw kinderen u opvolgen?

‘Ik heb vier kinderen, maar die zijn nog jong. Mijn oudste is achttien. Hij gaat bedrijfskunde studeren. Het is zijn eigen keuze, er is geen dwang. Mijn kinderen vinden het wel interessant wat we doen met de winkels. Maar voor mij ligt er nog een hele periode om de zaak te leiden. Het is hier nog lang niet klaar.’

Schrijf u in voor onze middagnieuwsbrief

Met de gratis nieuwsbrief EW middag wordt u dagelijks bijgepraat met commentaren en achtergronden bij de belangrijkste nieuwsverhalen.