Het aantal studentenbeleggingsclubs is de afgelopen jaren duidelijk toegenomen. Behalve een mooie kans om al op jonge leeftijd ervaring op te doen met beleggen, bieden die clubs soms ook een opstap richting een professionele carrière in de beleggingswereld.
Bijna elke belegger zou willen dat hij veel eerder de eerste aandelen had gekocht. Naarmate de beleggingshorizon langer wordt, neemt het verwachte eindbedrag dankzij het fenomeen van rendement-op-rendement-effect flink toe.
Maar een vroege start is niet het enige voordeel voor de leden van de ruim twintig studentenbeleggingsclubs die Nederland rijk is. Het is een enorm voordeel om op jonge leeftijd al een aantal beleggingslessen te leren, in plaats van op latere leeftijd met een groter vermogen.
Praktische kennismaking
Wat de verschillende clubs verbindt, is de ambitie om op een praktische manier kennis te maken met beleggen. Wat hen onderscheidt, is de manier waarop ze dat doen.
Waar de ene vereniging focust op fundamentele analyse en het pitchen van individuele aandelen, duiken andere clubs diep in tradingsystemen, algoritmes en zelfs machine learning.
En weer andere proberen zo dicht mogelijk in de buurt te komen van een professionele asset manager, waarbij de verenigingsactiviteiten door de leden al gezien worden als een mogelijke opstap naar de professionele wereld van asset managers en banken.
Utrecht: Aqua Vitae
Aqua Vitae omschrijft zich als de beleggingsstudieclub van Utrecht. De vereniging werd in september 2024 opgericht door het bestuur van zes enthousiaste studenten van het Institute for Finance and Accounting aan de Hogeschool Utrecht, maar Aqua Vitae is inmiddels ook opengesteld voor andere studierichtingen en voor studenten van de Universiteit Utrecht.
Er zijn inmiddels dertig leden, die allemaal minstens honderd euro aan eigen geld hebben ingebracht in de beleggingsportefeuille. Binnen de vereniging draait het om fundamentele analyse en het presenteren van ideeën aan elkaar.
Goed idee? Eerst pitchen
‘We werken met pitches,’ zegt secretaris Laura van Eijden van Aqua Vitae. ‘Elke maand komen we bij elkaar in een Utrechtse Ierse pub. Daar pitcht iemand een aandeel, waarnaar hij of zij natuurlijk eerst heel goed onderzoek heeft gedaan.’
Die pitches vormen het hart van de vereniging. Studenten analyseren jaarverslagen, spreken elkaar kritisch aan op aannames en leren hun beleggingsideeën helder te formuleren.
Van Eijden: ‘Je kunt thuis wel een aandeel kopen omdat je denkt dat het een goed aandeel is. Maar als je het moet uitleggen aan twintig andere studenten, merk je pas of je redenering echt klopt.
‘Het is ook al een uitdaging om een geschikt aandeel te vinden. Onlangs overwoog ik bijvoorbeeld om Garmin naar voren te schuiven in een pitch. Ze hebben een heel goede positie op de markt voor sporthorloges, andere wearables en sportapparatuur. Maar ik zag al snel dat sportapp Strava een rechtszaak tegen Garmin had aangespannen.’
Als je het moet uitleggen aan twintig andere studenten, merk je pas of je redenering echt klopt
Omdat juridische risico’s zich lastig laten inschatten, koos Van Eijden ervoor om haar pitch in te steken op Heijmans: ‘Ik overwoog zelf al om aandelen van dit bouwbedrijf te kopen.
‘Voor mijn pitch heb ik de pitch-handleiding van onze vereniging stap voor stap doorlopen. Dat was een mooie manier om Heijmans goed te analyseren en om tegelijk te controleren of onze handleiding goed in elkaar steekt.’
Leren omgaan met kritiek
Bij een pitch draait het overigens niet alleen om financiële cijfers. Het sociale aspect is minstens zo belangrijk. Door samen te discussiëren, ontstaat een cultuur waarin tegenspraak normaal is.
‘Je leert omgaan met kritiek,’ aldus Laura. ‘Een idee kan ook worden afgeschoten. Dat is even slikken, maar het dwingt je wel om scherper te denken.’
De club fungeert daarmee als veilige oefenomgeving. Fouten maken mag, zolang je ervan leert. ‘Het mooie is dat het geld dat we beheren relatief beperkt is,’ zegt Laura. ‘De echte winst zit in de kennis die je opdoet.
‘Maar het is natuurlijk wel een mooie opsteker om een mooi rendement te halen. Tot nu toe is Alphabet ons grootste succes. Begin januari hadden we al 97 procent rendement gehaald.’
Amsterdam: Amsterdam Investment Club
Waar Aqua Vitae draait om aandelen en fundamentele analyse, legt de Amsterdam Investment Club meer de nadruk op technologie en systemen.
De vereniging richt zich op tradingstrategieën in verschillende activa. ‘Wij zijn niet per se bezig met het verhaal achter een bedrijf’, legt oprichter en voorzitter Vincent Brandsma van de Amsterdam Investment Club uit: ‘In plaats daarvan draait het vooral om de vraag of een systeem wel of niet werkt.’
Binnen de club bouwen studenten hun eigen tradingstrategieën, testen die met historische data en passen ze aan om het verwachte rendement te optimaliseren.
‘Het is eigenlijk een combinatie van finance en informatica’, zegt Brandsma. ‘Je leert programmeren, omgaan met data en tegelijkertijd nadenken over risico en rendement.’
Begonnen als appgroep tijdens corona
De basis voor de Amsterdam Investment Club werd ongeveer zes jaar geleden gelegd. Brandsma: ‘Ik ben toen een appgroep gestart voor studenten die interesse hadden in beleggen.
‘Tijdens de coronapandemie stond een groot deel van het openbare leven stil, dus bleef er veel tijd over om je te verdiepen in de beleggingswereld. Met name op cryptomarkten schoten de koersen omhoog.
‘Er zaten al snel 300 à 400 studenten in de appgroep. Vervolgens zakte de interesse in tijdens het slechte beleggingsjaar 2022. Maar toen ik vorig jaar april een pubquiz organiseerde, was er een goede opkomst en een prima sfeer. Met dit gezelschap zijn we case studies en workshops gaan organiseren.’
Veel interesse in quantworkshops
Inmiddels zijn er meer dan 750 mensen die weleens deelnemen aan de evenementen. Met name de quantworkshops zitten vol. Brandsma: ‘Daar komen elke keer veertig tot vijftig studenten op af. Hierdoor wordt de Amsterdam Investment Club ook interessant voor professionele partijen. We trekken bijvoorbeeld soms samen op met onder meer IMC, Flow Traders en TradeZero.
‘Het mooiste van onze vereniging is echter de ruimte die studenten krijgen om te experimenteren. In een traditionele studie leer je veel theorie, maar hier mag je dingen uitproberen. Soms mislukt een strategie volledig, en dat is prima. Daar leer je vaak meer van dan van een succes.’
Interesse van professionele partijen
Voorlopig is Amsterdam de thuisbasis voor de vereniging. Brandsma: ‘Daar organiseren we veel sessies. Daarbij sluiten behalve studenten soms ook andere geïnteresseerden en mensen uit de financiële sector aan.
‘Qua groei kijken we overigens meer naar uitbreiding naar andere steden, dan naar het aantrekken van een breder publiek. Onlangs zijn we met een delegatie naar Londen gereisd voor een beleggingscompetitie. Daar hebben we contact gelegd met andere verenigingen en professionele partijen, die geïnteresseerd waren in hoe wij het aanpakken.
‘In het droomscenario heeft de Amsterdam Investment Club straks vestigingen in financiële centra overal ter wereld, zodat leden met steun van de lokale afdeling een goede start krijgen als ze bijvoorbeeld in New York aan de slag gaan.’
Tilburg: Tilburg Investment Club
In Tilburg is de Quantitative Investment Group afgelopen zomer samengegaan met A&F Investments in de Tilburg Investment Club, met bijna honderd leden.
Een groot deel van deze vereniging richt zich op aandelenselectie via fundamentele bedrijfsanalyses en economische onderbouwing. Binnen de kwantitatieve tak wordt juist belegd aan de hand van kwantitatieve modellen.
‘Wij kijken door een volledig kwantitatieve bril naar de aandelenmarkt’, zegt voorzitter Boaz Dorgelo: ‘In plaats van te beleggen in individuele aandelen, ligt de focus op het ontwikkelen van kwantitatieve modellen die op consistente basis een bovengemiddeld rendement halen. Onze belangrijkste strategie is de Residual Momentum Strategy.’
Fama &French
Een dergelijke naam vraagt om enige uitleg. Wetenschappers Eugene Fama en Kenneth French hebben aan het begin van de jaren ’90 het zogenaamde factormodel ontwikkeld. Dit model verklaart koersbewegingen op financiële markten aan de hand van factoren zoals de bedrijfsomvang en de verhouding tussen de beurs- en boekwaarde.
Uiteraard kan niet elke koersbeweging volledig worden gevangen in een model. Dorgelo: ‘Onze strategie kijkt juist naar het gedeelte van de beweging die niet door het factormodel wordt verklaard.
‘Op basis van het momentum in deze zogeheten residuals, kiezen wij positie in een aantal Amerikaanse en Europese aandelen. Omdat een bedrijf voor ons niet meer is dan het tickersymbool, kan ik je niet vertellen of de koersen zijn gestegen door bijvoorbeeld meevallende winstcijfers of een mooie nieuwe opdracht. Elke maand stellen we op basis van onze modellen de portefeuille bij.’
Transactiekosten betaalt de vereniging
Hoewel de posities elk kwartaal bijgesteld worden, hoeft de kwantitatieve tak van de Tilburg Investment Club zich geen zorgen te maken over transactiekosten. Die neemt de studievereniging namelijk voor zijn rekening.
Dorgelo: ‘We krijgen ook steun van enkele professoren van de afdeling Quantitative Finance and Actuarial Science. Zij vinden ons initiatief heel leuk en spelen een soort mentorrol, waarbij ze meekijken hoe we strategieën ontwikkelen en aanscherpen, waarbij ze ook kritische vragen stellen.’
Contacten met grote partijen
Daarnaast nodigt de vereniging regelmatig sprekers uit van asset-managers. De Tilburg Investment Club onderhoudt goede relatief met enkele grote partijen.
Dorgelo: ‘Sinds begin dit jaar hebben we het bestuur uitgebreid. Er is onder meer een nieuwe rol voor external affairs, waarbij iemand contacten onderhoud met het bedrijfsleven. Het zou heel mooi zijn als Tilburg University over een aantal jaar bijvoorbeeld goede banden heeft met een vermogensbeheerder als Robeco.’
Vijf tot acht uur per week
Behalve nieuwe inzichten voor de vereniging, zijn de contacten die zo worden gelegd ook waardevol voor na de studie. Dorgelo: ‘We zijn geen hobbyclubje. We leggen de lat hoog en dat trekt een bepaald type student aan. De leden investeren vijf tot acht uur per week in het ontwikkelen en backtesten van een strategie.
‘Het is ook niet ongebruikelijk om gemiddeld een acht of hoger te staan, wat aangeeft dat we echt een cultuur hebben gecreëerd waar ambitieuze studenten samenkomen.
We zijn geen hobbyclubje: we leggen de lat hoog
‘We bouwen vaardigheden op die heel goed van pas komen in de professionele beleggingswereld. Als toekomstige werkgever kan je dan denken aan asset managers zoals Robeco en Cardano, maar ook Flow Traders en de grote Amerikaanse banken.’
Discipline, nieuwsgierigheid en samenwerking
Hoewel de aanpak van Aqua Vitae, Amsterdam Investment Club en de Tilburg Investment Club sterk verschilt, delen hun verenigingen een aantal kernwaarden. Discipline, nieuwsgierigheid en samenwerking staan centraal.
Studenten leren niet alleen hoe markten werken, maar ook hoe ze samen tot een goede beleggingsbeslissing komen. Dorgelo vat dat mooi samen: ‘Het bijzondere is dat studenten in hun vrije tijd ’s avonds naar de universiteit komen om over beleggingsstrategieën te praten. Dat zegt iets over de intrinsieke motivatie.’
Op alle studentenbeleggingsclubs wordt succes niet gemeten in euro’s alleen. Het gaat om het opbouwen van vaardigheden, mindset en ervaring, die sommige leden uiteindelijk ook meenemen in een professionele loopbaan. Van Eijden: ‘Maar het mooiste is dat je samen leert. Je staat er niet alleen voor.’
