Het is inmiddels een traditie. Als Nederland bevriest, bevriezen ook de Nederlandse Spoorwegen. ‘Afgelopen maandagochtend was mijn treinreis naar mijn werk een waar avontuur vol verrassingen en vertragingen. Overal chaos want “vertraging wegens een wisselstoring”,’ schrijft Zihni Özdil.
Toen ik eenmaal een IC-direct te pakken had, was de vreugde van korte duur. Bij Schiphol kregen we te horen dat het hele IC-direct-spoor op slot was. Dus langzaam tjokkend gingen we verder als stoptrein zeg maar.
Op zeker vijftien trajecten stond het treinverkeer stil of kwam het tergend langzaam op gang. De oorzaak? De vorst. Aannemers van ProRail waren de hele ochtend onderweg om de bevroren wissels te repareren. Maar kwamen door de gladde wegen zelf ook steeds te laat aan.

Wat is de kern van het sneeuwprobleem bij treinreizen?
De kern van het probleem, legt een ProRail-woordvoerder uit op WNL, is simpel: niet alle wissels zijn verwarmd. En dat zal ook zo blijven. Want, aldus de officiële ProRail-verklaring: ‘De kosten van het aanpassen van de infrastructuur wegen niet op tegen de baten.’
Die zin is een bureaucratisch kunstwerk. Hij klinkt logisch en afgewogen. Bijna wijs zelfs. Er wordt een rationele afweging gemaakt. Investeren in sneeuwbestendigheid voor een paar dagen vorst per jaar is, op een excel-sheet bekeken, inderdaad niet rendabel.
Maar stelt u zich de forens voor die op het perron staat. Die al twee treinen heeft zien uitvallen. Die weet dat zij of hij te laat komt voor dat belangrijke overleg. Of dat de oppas extra moet worden betaald.
ProRail denkt niet aan de reiziger
Voor de forens, de burger, de mens is de rekensom fundamenteel anders. Dan wegen de baten – een betrouwbaar vervoerssysteem dat functioneert bij het normale Nederlandse winterweer – oneindig veel zwaarder. Die baten zijn geen cijfers op een spreadsheet. Maar behoud van een baan, mentale rust en waardigheid.
Dan zijn de ‘kosten’ stress, verlies van inkomsten en een gevoel van totale afhankelijkheid van een systeem dat mensen in de kou laat staan. Een reizend mens zou verbaasd zijn dat deze dagelijkse realiteit zo gemakkelijk wordt weggestreept tegen een boekhoudkundige abstractie.
Deze kloof tussen de rekensom van de beheerder en de beleving van de reiziger is geen toeval. Het is het logische gevolg van een keuze die Nederland jaren geleden maakte: het splitsen en verzelfstandigen van het spoor.
Welke taak heeft ProRail?
Vroeger was er één Nederlandse Spoorwegen die zowel de treinen reed als het spoor beheerde. Nu is er ProRail, dat de infrastructuur beheert, en NS, die erop rijdt. Ze zijn verzelfstandigde en op winst gerichte bedrijven geworden.
Het gevolg? ProRail móet wel primair kijken naar zijn eigen kosten en baten. Het heeft een opdracht om efficiënt te werken en budgetten niet te overschrijden. Een goede investering in een landelijk netwerk van verwarmde wissels is dan een slechte business case. Het is niet meer hun rol om maatschappelijke baten – miljoenen reizigers die wél op tijd op hun werk komen – als primaire verantwoordelijkheid mee te wegen.
Verschil openbaar vervoer Nederland, Zweden en Zwitserland
Het is veelzeggend dat de woordvoerder zelf de voorbeelden Zweden en Zwitserland aanhaalt. In die landen sneeuwt het vaker, ja. Maar dat is niet het enige verschil. In die landen is het spoorwegnet nog steeds een publieke, staatseigen voorziening van strategisch belang.
De logica is bij hen niet de winstmaximalisatie van de beheerder, maar de garantie van een robuuste dienstverlening aan de samenleving. Óok onder extreme omstandigheden. De ‘baten’ worden daar veel breder gedefinieerd. Dat is precies zoals het vroeger in Nederland ook was.
Deze kloof tussen de rekensom van de beheerder en de beleving van de reiziger is geen toeval
En dus staan wij Nederlanders, polderaars en handelaren, in de kou vertragingen te tellen. En kunnen we in de spits überhaupt bijna nooit meer zitten. Zelfs niet met een eersteklas kaartje.
Nederlandse reizigers komen niet in protest
En nu komt het mooie: Nederlandse reizigers protesteren niet massaal. Wij accepteren deze doorberekening van bezuinigingen met een lichte zucht. Alsof het een natuurverschijnsel is.
Kennelijk snappen wij het diepgewortelde, echte gevaar. Immers, een openbaar-vervoersysteem dat daadwerkelijk als een publieke voorziening functioneert, ongeacht de weersomstandigheden, waar de staat in investeert zonder direct korte-termijnrendement… dat klinkt natuurlijk verdacht veel naar communisme. En daar zijn wij Nederlanders, met ons verzelfstandigde en gesplitste spoor, gelukkig allemaal niet van gediend.