In maart 1788 reist Thomas Jefferson door Nederland. De auteur van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring (1776) en derde president van de Verenigde Staten (1801-1809) kwam niet als toerist. Amerika is bijna failliet, en Amsterdamse investeerders moeten het land uit de financiële nood halen. Een reisverslag.
Zijn vertrek uit Parijs op dinsdag 4 maart 1788 is nogal overhaast. Thomas Jefferson (44) kan zelfs nauwelijks wachten tot zijn koets is gerepareerd. Om snel te kunnen reizen, neemt hij slechts één bediende mee, Espagnol. Jefferson wil op vrijdagavond al in Den Haag zijn, zodat hij daar nog zijn collega John Adams (52) kan spreken, die op weg is naar Engeland.
Beide mannen willen samenwerken om in Amsterdam leningen af te sluiten voor de nog piepjonge Amerikaanse republiek. Adams is Amerikaans ambassadeur in Nederland en Engeland en Jefferson in Frankrijk, waar geen gewillige geldschieters beschikbaar zijn. Het land zit zelf op zwart zaad. In het rijke Nederland, dan nog de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden geheten, hebben de jonge Verenigde Staten al eerder geld kunnen lospeuteren. Amsterdam is de hoofdstad van de financiële wereld, waar veel landen hun toevlucht zoeken om geld te lenen.
Gezamenlijk doel: faillissement van zuigeling Amerika voorkomen
Laden…
Al vanaf €15 per maand leest u onbeperkt alle edities en artikelen van EW. Bekijk onze abonnementen.
Bent u al abonnee en hebt u al een account? log dan hier in
U bent momenteel niet ingelogd of u hebt geen geldig abonnement.
Wilt u onbeperkt alle artikelen en edities van EW blijven lezen?
Wilt u opnieuw inloggen