Van een hoger eigen risico tot de AOW-leeftijd die naar zeventig jaar gaat: D66, VVD en CDA kiezen voor een harde neoliberale koers, schrijft Zihni Özdil.
Dit nieuwe coalitieakkoord is wel een beetje neoliberaal. Aldus sprak opiniepeiler Peter Kanne (Ipsos I&O) afgelopen weekend in het EO-programma Dit is de week. Dat bedoelde hij niet pe se kritisch.
Niks persoonlijks tegen Kanne, hoor. Het hele politieke en intellectuele midden is sinds de jaren negentig helemaal bevangen door het idee dat je als staat geen cent mag uitgeven zonder ergens anders exact hetzelfde bedrag weg te bezuinigen.
De linkse fusiepartij GroenLinks-PvdA behoort daar ook toe, met onder meer kabinetsdeelnames, gedoogsteun via het Lenteakkoord uit 2012, ‘antiscorebordpolitiek’ tijdens Rutte III en wat dies meer zij.
Lekker neoliberaal doormanagen
Even heb ik getwijfeld of ik deze column wel zou schrijven. Het voelt als een herhaling van zetten.
Zowel van mijn kant als van, om het even larmoyant te formuleren, het establishment dat mijn boodschap niet hoort.
Het voelt alsof ik mijn column over Prinsjesdag 2021 bijna woord voor woord kan herhalen.
Er komt een storm aan, schreef ik toen. Want ondanks alle overduidelijke signalen dat de bevolking (van de armen tot de werkenden tot en met de middenklasse) op zijn laatste tandvlees liep, kwam er geen koersverandering.
Integendeel: het kabinet-Rutte III ging lekker neoliberaal doormanagen.
‘Eigen risico’ geldt elders als raar
Dan toch maar zo kort mogelijk mijn argumenten van toen herhalen: bijna nergens in de Europese Unie is er een arbeidsmarkt met zo’n grote onzekere (‘flexibele’) schil van laagbetaalde banen als in Nederland.
Bijna nergens in de EU is de zorgverzekering geprivatiseerd. Bijna nergens in de EU word je gedwongen om met een enorme schuldenlast op je schouders af te studeren.
En zo kan ik nog wel doorgaan. Als ik op vakantie Duitsers, Scandinaviërs, Spanjaarden enzovoort tegenkom, probeer ik het concept van ‘eigen risico’ in de zorg uit te leggen.
Altijd kijken ze me aan alsof ik een knettergekke fantast ben. Ze geloven het gewoon niet. Want zulke dingen zijn onvoorstelbaar in beschaafde landen.
Op Prinsjesdag 2021 wisten we al jaren dat tussen de 15 á 20 procent van de bevolking aan de economische onderkant alle hoop kwijt was. Volkomen rijp voor het rechts-populisme. En dat de ongeveer 40 procent in het midden op het randje stond.
Het was vijf voor twaalf. En dat was op alle spreekwoordelijke klokken en horloges af te lezen. Maar helaas: Rutte III ging door op de oude voet.
Jetten gaat harder tekeer dan ooit
Die storm die ik voorspelde, kwam er uiteindelijk met de 37 zetels voor Geert Wilders en, zo zou je kunnen beargumenteren, de 20 zetels voor NSC. Zoals we weten, hebben zij het plat gezegd verprutst.
Des te meer verantwoordelijkheid voor het aanstaande kabinet-Jetten, zou je zeggen. Maar helaas. Ik heb het coalitieakkoord helemaal gelezen.
Met mogelijk onderwijs als uitzondering, gaat het kabinet-Jetten op bijna alle relevante sociaal-economische vlakken zelfs harder tekeer dan ooit tevoren. Van een hoger ‘eigen risico’ tot de AOW-leeftijd die naar zeventig jaar gaat.
Want ook deze coalitie zit nog steeds vast in de Nederlandse beleidsgroef dat je niks mag investeren zonder dat bedrag ergens anders weg te halen.
Het is zelfs zó erg dat dit kabinet het begrotingstekort onder de 2 procent van het nationaal inkomen gaat brengen. Terwijl 3 procent de EU-norm is, voor zover je dat al serieus zou moeten nemen.
Geen storm, maar een orkaan
Het staat me tegen om een Cassandra te zijn. Maar in de vijf jaar sinds 2021 is het keiharde Nederlandse neoliberalisme ongestoord doorgegaan.
Het midden is in 2026 de hoop kwijt. Als dit coalitieakkoord uitgevoerd wordt, staat ons dit keer iets nog ergers te wachten dan een storm.
Dan kunt u uw borst natmaken. Want er komt een nietsontziende orkaan aan.

